Gezocht naar synoniemen voor 'Paas':
Dezelfde betekenis (synoniemen)
als zelfstandig naamwoord:
1
pass, schot, toespeling, voorzet
Betekenis:
Een snelle, gerichte beweging van de bal, vaak bedoeld om een medespeler te bereiken.
Voorbeeld:
Zijn paas kwam precies aan bij de aanvaller voor het doel.
als vervoeging van pass'en:
2
overspelen, overschieten
Betekenis:
Het doorgeven van iets, vooral in sport, zoals een bal overspelen naar een teamgenoot.
Voorbeeld:
Hij besloot de bal snel naar zijn medespeler te pass'en.
Bijna-hetzelfde
1
Pesach
Gerelateerde woorden
voetbal, sport, bal, hockey, goal, opstelling, overtreding
STORE
BRON: Mick
Ziet u fouten in de woordenlijst? Of staan er ongewenste woorden tussen? Laat dan hier een bericht voor mij achter.