Gezocht naar synoniemen voor 'zelfgenoegzaamheid':
Dezelfde betekenis (synoniemen)
1
arrogantie, eigendunk, hooghartigheid, hoogmoed, hovaardigheid, hovaardij, ijdelheid, inbeelding, verbeelding, verwatenheid, zelfingenomenheid
Betekenis:
Een eigenschap waarbij men zichzelf als beter of belangrijker beschouwt dan anderen, vaak gepaard met arrogantie.
Voorbeeld:
Zijn zelfgenoegzaamheid maakte hem impopulair onder collega's, omdat hij hen altijd correcties gaf zonder zelf open te staan voor kritiek.
2
welbehagen, inschikkelijkheid, zelfvoldaanheid, zelftevredenheid, genoegzaamheid
Betekenis:
Een gevoel van tevredenheid met de eigen situatie, zonder verlangens naar veranderingen of verbeteringen.
Voorbeeld:
Hij straalde een zekere zelfgenoegzaamheid uit terwijl hij gelukkig onderuit op de bank zat, tevreden met zijn eenvoudige leven.
3
burgerlijkheid, kleinburgerlijkheid, kneuterigheid
Betekenis:
De neiging om binnen beperkte kring te blijven, vaak met de bijbetekenis van benepenheid of kleingeestigheid.
Voorbeeld:
De zelfgenoegzaamheid van de gemeenschap weerhield hen ervan om nieuwe ideeën en veranderingen te omarmen.
STORE
BRON: Open Multi-Lingual WordNet, https://omwn.org/
Ziet u fouten in de woordenlijst? Of staan er ongewenste woorden tussen? Laat dan hier een bericht voor mij achter.