Gezocht naar synoniemen voor 'domoor':
Dezelfde betekenis (synoniemen)
1
appelflap, augurk, dombo, droplul, druiloor, eend, eendvogel, ei, ezelsveulen, flapdrol, jojo, kalf, kalfskop, kloris, kuiken, leeghoofd, minkukel, nitwit, oelewapper, oen, oetlul, onbenul, schaapskop, stomkop, stommeling, stommerd, stommerik, sufferd, sufkont, sufkop, uilebal, uilskuiken, weetniet
Betekenis:
Een persoon die suf, onhandig of dom lijkt.
Voorbeeld:
Hij maakte weer een domme fout, echt een domoor.
2
jan-van-gent
Betekenis:
Een lompe of onnozele persoon.
Voorbeeld:
Stop met zo'n domoor te zijn en gebruik je verstand.
3
piemel, lul, sukkel, dodo, drol, eikel, ezel, ezelskop, gehaktbal, hals, hansworst, ignorant, koe, kwezel, rund, slaapkop, uil, uilenbal, waterhoofd
Betekenis:
Een onwetend of ongeschikt persoon, vaak met een negatieve connotatie.
Voorbeeld:
Hij was een domoor toen hij dacht dat hij de wedstrijd kon winnen zonder te trainen.
4
lomperd
Betekenis:
Iemand die onbeleefd of weinig verfijnd is in gedrag.
Voorbeeld:
Hij sloeg met de deur dicht als een domoor.
STORE
BRON: Open Multi-Lingual WordNet, https://omwn.org/
Ziet u fouten in de woordenlijst? Of staan er ongewenste woorden tussen? Laat dan hier een bericht voor mij achter.