Gezocht naar synoniemen voor 'hansworst':
Dezelfde betekenis (synoniemen)
1
comediant, geinponem, grapjas, grappenmaker, harlekijn, humorist, joker, komiek, komiekeling, leukerd, lolbroek, paljas, pias, pierewiet, polichinel, potsenmaker, spuiter
Betekenis:
Een persoon die grapjes maakt en anderen aan het lachen probeert te maken.
Voorbeeld:
Tijdens het festival was hij de hansworst die iedereen aan het lachen kreeg met zijn grappige verkleedpartijen en grappen.
2
piemel, lul, sukkel, appelflap, augurk, dodo, dombo, domoor, drol, droplul, druiloor, eend, eendvogel, ei, eikel, ezel, ezelskop, ezelsveulen, flapdrol, gehaktbal, hals, ignorant, kalf, kalfskop, kloris, koe, kuiken, kwezel, leeghoofd, minkukel, nitwit, oelewapper, oen, oetlul, onbenul, rund, schaapskop, slaapkop, stomkop, stommeling, stommerd, stommerik, sufferd, sufkont, sufkop, uil, uilebal, uilenbal, uilskuiken, waterhoofd, weetniet
Betekenis:
Een dom of onhandig persoon, vaak gebruikt als speelse belediging.
Voorbeeld:
Iedereen vond het grappig dat hij als hansworst de bal miste en tegen de paal schoot.
STORE
BRON: Open Multi-Lingual WordNet, https://omwn.org/
Ziet u fouten in de woordenlijst? Of staan er ongewenste woorden tussen? Laat dan hier een bericht voor mij achter.